Homonationalisme: ruimte voor nuance

In januari 2015 vertelt de 22 jaar oude Mathieu Chartraire aan Têtu (‘koppig’) Magazine dat hij op de Eurosceptische en islam-kritische partij Front National stemt. Chartraire is op dat moment net verkozen tot de knapste homoseksueel van Frankrijk. In een klein onderbroekje poseert hij voor een camera. De foto gaat heel het internet over met koppen als: ’“I believe that Europe has become very stupid”: Meet the gay French model who supports LePen’s National Front’. Een groot aantal homoseksuelen uit Frankrijk reageert geschokt op het interview met Chartraire.Têtu Magazine verontschuldigt zich, maar vermeldt ook: een winnaar wordt gekozen op basis van uiterlijk, niet van politieke voorkeur. ‘Mathieu representeert alleen zich zelf en is homoseksueel, hij representeert niet de gay community.’ Têtu maakt het reglement voor het jaar daarna strenger. Participanten ondertekenen een ethische code, waarin de waarden van het magazine worden verdedigd: respect en afwijzing van welke vorm van discriminatie dan ook. Onze eerste reactie bij het lezen van het artikel is: waarom stem je als onderdeel van een minderheidsgemeenschap op een partij die andere minderheidsgroepen uitsluit en openlijk discrimineert?

Wij beschouwen onszelf als lid van de LGBT-gemeenschap, als liberaal en open. We vinden emancipatie en algehele gelijkheid tussen alle groepen van eender bevolking belangrijk. En, omdat we nu eenmaal vaak vanuit onszelf redeneren, is deze houding er misschien niet een die iedereen in de LGBT-gemeenschap met ons deelt. Daarbij verbazen we ons over iets anders: Front National, geleid door Marine Le Pen, komt niet expliciet op voor de rechten van homoseksuelen. De partij werkt deze groep echter ook niet openlijk tegen. In de Franse hoofdstad Parijs stemt eind 2015 meer dan 32% van de homoseksuele (gay)koppels voor Front National. ‘Sinds de financiële crisis maken de Fransen steeds vaker een stap naar rechts, zo ook de homo- en biseksuelen,’ vertelt de 56-jarige Didier Lestrade aan de Engelse The Spectator. Lestrade is een in Algerije geboren journalist en schrijver die al lange tijd een activist is in de homoscene. ‘We weten dat niet alle homoseksuelen links stemmen. Maar voor mijn generatie is het moeilijk te geloven dat er Anti-Arabische en anti-zwarte uitingen begonnen te verschijnen op apps als Grindr en Cruise.

Nadat er in 2005 vijf homoseksuele mannen in Bordeaux werden vermoord en de moslimgemeenschap daar de schuld van kreeg, omdat een aantal van deze hate crimes werden uitgevoerd door mensen van Arabische origine, is de oppositie tussen homo’s en moslims groter geworden. Openlijk gay zijn op straat gebeurde minder en minder, de angst en het gevoel bedreigd te zijn groeide. Vandaag de dag biedt Front National een veilige plek voor homoseksuelen die zich veroordeeld voelen en zich in breder perspectief zorgen maken over immigratie en verlies van de Franse identiteit. De groep homoseksuelen die zich als politiek stemmer bij FN schaart, ziet zichzelf als deel van de heteronormatieve meerderheid van de bevolking. Zij voelt zich geëmancipeerd genoeg en als vrij mens in Frankrijk ervaart deze stemmer een bedreiging van een andere kant: de Islam.

Omdat wij deze xenofobische tendens zelf niet één, twee drie begrijpen of kunnen verklaren, bezoeken we Flora Bolter. Zij was lange tijd verkiesbaar als lid van Parti Socialiste (PS) in het derde, liberale en door veel homoseksuelen bewoonde, arrondissement van Parijs en is co-directrice van Centre LGBT. Bolter weet nog goed dat het interview met Chartraire in Têtu Magazine verscheen: ‘Chartraire was a candidate in the last regional elections. The top candidate for Front National in the third arrondissement. Front National only makes three percent of the vote here. The third arrondissement is a very liberal place. I think they put him here, precisely because it is a liberal place, a very LGBT area. I guess they decided to have this guy on their list to attract more gays. Did not work though.’ Is het een fenomeen, vragen we haar, homoseksuelen die rechts stemmen. Ja, zegt Bolter: ‘In France, we call it l’homonationalisme. Gays on the far right, on the nationalistic side, who think the main threat to their existence are the muslims. And the migration is not helping.’

Matthieu Chartraire beaamt het laatste punt van Bolter in zijn interview met Têtu. Dagblad Liberátion schrijft hierover een langer interview met de titel: ‘Mister Gay 2015 van “Têtu” magazine brengt zijn stem naar FN, verbitterd door de belastingen, immigranten en LGBT sores.’ Chartraire legt uit: ‘We verwelkomen bootladingen met illegalen, geven hen papieren, huizen en bijstandsuitkeringen. En dit allemaal ten koste van hardwerkende Fransen.’ De jonge Chartraire, die je op Google images voornamelijk zonder T-shirt vindt, profileert zichzelf als een nationalist. En omdat hij homofiel is, kan hij ook wel homonationalist worden genoemd.

image

Voor we hier op ingaan, moeten we ons eerst afvragen of de LGBT-gemeenschap überhaupt politiek geframed mag worden en hoe politieke partijen deze gemeenschap benaderen, te weten dat wij in sommige gevallen al lang geen groep meer zijn. De LGBT-gemeenschap verdeelt zich over rangen en standen, over rassen, kleuren, inkomens, opleidingsniveaus, delen van een land waarin we wonen, verschillende wijken in steden waar we wonen, plekken waar we naar toe gaan, kringen waarin we ons bevinden. We zijn een doorsnede van de maatschappij met één gemene deler, wij zijn geen politieke groep. We zijn één voor één, individueel, een politiek lichaam. Een politiek lichaam met een wil en een wens, met de hoop goed vertegenwoordigd te worden door eender partij. Het enige wat wij gemeen hebben is een niet heteronormatieve seksuele voorkeur en dat is wat ons volgens sommigen verbindt. In het geval van de homonationalist lijkt dit soms deels een onbelangrijke bijkomstigheid te zijn.

Homonationalisme is een lastige term om te vangen. Het concept werd ontwikkeld door Jarbis. K. Puar, die de term in 2007 noemt in het werk Terrorist Assemblages: Homonationalism in Queer Times. Puar omschrijft homonationalisme onder andere zo: ‘Heteronormatieve idealen die cruciaal zijn voor het vormen van de natiestaat, worden nu aangevuld door homonormatieven. Dat noem ik homonationalisme.’ In andere woorden: de normalisering van homoseksualiteit in een land kan worden gezien als homonationalisme. Die normalisering heeft iets heel positiefs: openlijk homoseksueel zijn mag en hoort bij een bepaalde natie. We moeten daarbij in ons achterhoofd houden dat de grens tussen tolerantie en acceptatie dun is. Wanneer ben je content met de gelijke rechten die jouw minderheidsgroep heeft, en waar begin je jouw rechten als homoseksueel en ‘oorspronkelijke’ inwoner van een land via een rechtse stem te verdedigen?

Chartraire vertegenwoordigt één homoseksuele stem voor een partij die als extreem rechts kan worden beschouwd. Buiten het feit dat hij homoseksueel is, is Chartraire een individu. Hij sympatiseerde al lange tijd met de FN. Naarmate hij ouder werd, veel belasting moest betalen en bij hem de angst groeide dat de Franse waarden langzaamaan verloren gaan, werd deze sympathie groter.

Detoxificatie (in het Frans vertaald als: dédiabolisation) is een van de manieren waarop Marine Le Pen homoseksuelen aan haar partij verbindt. Deze term is niet nieuw, maar stamt uit de jaren ’80 en is gelieerd aan FN. Sinds het vertrek van haar vader Jean-Marie Le Pen, maakt Marine Le Pen naar de buitenwereld toe schoon schip. Ze probeert af te komen van uitspraken van haar vader, die homoseksualiteit onder meer een ‘biologische en sociale afwijking’ noemde. Daarbij zijn er minstens drie homoseksuelen lid van Front National, waaronder Florian Philippot, de vice-president van de partij. Daartegenover staat echter nog steeds dat Le Pen haar ledenaantal ook ziet groeien in de hoek van de racisten en skinheads. Ze heeft anti-semitisme openlijk verworpen en benadrukte vaak dat haar partij niet racistisch is, maar de seculariteit en democratie verdedigt tegen de opkomst van islamisering.

Flora Bolter onderzocht de gendergap in het Franse stemgedrag. Een gendergap is het verschil tussen mannen en vrouwen dat onderzocht wordt in contexten zoals sociale, culturele of politieke houding. Zij merkte op dat deze kloof de afgelopen jaren kleiner en kleiner wordt, maar: ‘De kloof is er nog steeds. Een van de redenen is dat Front National lange tijd weinig deed voor vrouwenrechten. Voor de komst van Marine Le Pen voelden vrouwen zich niet aangesproken door de campagnes van Front National. Toen Marine Le Pen vervolgens begon aan de detoxificatie, kon je kleine verschillen bemerken. Maar als het op Front National aankomt, is dit nog steeds een van de meest genderdivided votes in Frankrijk.’ Vooral mannen, zowel hetero als homo, stemmen op Front National.
‘In Frankrijk stemmen er meer vrouwen dan mannen. LGBT-vrouwen stemmen vaak eerder voor het zachte links en voor de groenen. De andere grote gendergap in de politiek zit bij Les Verts, die een groot aantal vrouwelijke stemmers aantrekken. En er zijn ook anarchistische vrouwen die niet stemmen of alleen protesteren tegen het huidige politieke bestel. In het afgelopen jaar zie je wel een verschuiving: meer en meer gay vrouwen gaan steeds linkser stemmen of stemmen helemaal niet, omdat ze zich niet vertegenwoordigd voelen.’

Binnen de homogemeenschap bestaan er dus verschillende groepen mensen die uitwaaieren over politieke partijen, zo ook richting extreem rechts. Dit is een tendens van, deels, racistische aard binnen de LGBT-gemeenschap. En hoe paradoxaal deze ook lijkt: deze tendens is niet nieuw. Ook Laelia Dard-Dascot merkt dat op in haar thesis: ‘Racism is hardly new in the history of the LGBT movement. This is due to the fact that the movement was created around the category of homosexuality, leaving behind other aspects that constitute identity.’ Dat de rechtse vleugel van de politiek groeit en homoseksuelen zich openlijk steeds meer uitspreken over nationalisme, xenofobie is naar onze mening wel verontrustend.

Dit is een onderzoek van twee jongelingen, van Lisa en mij. Wij zijn twee jongelingen die schrijven. In schrijven kan je vragen stellen en twijfelen, je laten raken door een gebeurtenis. Dat is wat we doen, dit is een begin van een onderzoek. Lisa trok al naar Parijs, Ik trek naar Boston en New York. Daarna: Berlijn, Amsterdam, Stockholm, Barcelona. En meer. We willen in gesprek. Over veranderingen in Europa, over de komende verkiezingen, over vrijheid, over je veilig voelen, over je vertegenwoordigd voelen, over jezelf kunnen zijn. En we willen vragen: ben je bereid naar de ander toe te komen en durf je te hopen dat die ander naar jou toe komt?

Binnenkort vind je via ons een website, waarop je het werkelijke onderzoek kunt volgen. En ons, want we kunnen dit verhaal alleen vertellen vanuit ons eigen perspectief met onze eigen vragen.

Advertenties